Selecteer een pagina

Prins Lester heeft een opname. Prins Lester gaat naar het PMC.
Mamma pakt een grote koffer. Wat neemt Prins Lester mee?
Een berg kleding, toiletspullen, onze foto’s en wat proviand.
Zo heb je altijd iets te eten en schone kleren bij de hand.
‘Mijn knuffels nog! En mijn posters in de rol!’
Oh nee, Prins Lester, nee, nee, nee, de koffer is al vol!

Prins Lester heeft een opname. Prins Lester gaat naar het PMC.
De koffer is al dicht. Is mamma klaar? Oh nee!
De treinbaan is niet ingepakt, de stiften en de spellen.
‘Een paar boeken nog’, zo weet Prins Lester te vertellen.
‘Mijn dino’s, mijn leeuw, mijn haai, mijn slang.’
Oh nee, Prins Lester, nee nee nee, daarmee maak je iedereen bang!

En zo ging het zestien keer, deze vrije interpretatie van Boer Boris Gaat Naar Zee, een van Lesters favoriete boeken. Zestien geplande opnames in het Máxima. En nog zes spoedopnames, waarvan twee in de VU, een in het WKZ en zelfs een in Almere. Al met al goed voor zo’n 150 nachten in het ziekenhuis, in twee jaar tijd.

Lester hing altijd erg aan mij. De ‘mammadrinkens’ hadden daar waarschijnlijk een grote invloed op. Daardoor, en omdat ik nog thuis was na de roerige start van het leven van Lesters broertje, ontstond als vanzelf de situatie dat ik altijd met Lester naar het ziekenhuis ging en pappa bleef werken en de boel thuis bestierde. Die fulltime zorg voor onze kleine prins beperkte mijn leven, maar verruimde het ook.

Als je met je leergierige kleuter een week lang in het ziekenhuis verblijft, in de wetenschap dat hij allemaal beperkingen en narigheden opgelegd krijgt, wil je het graag zo leuk mogelijk maken. Dus maakte ik de kamer gezellig met posters, foto’s van ons gezin, versiering aan het plafond, en een of andere ballon. Lester had knuffels mee voor in zijn bed en bakken vol speelgoed. De proviandkast werd gevuld met onze crunchy, cracottes, thee en chocola. En in een van de tassen zat de i-pad, de onmisbare i-pad, voorzien van Netflix, Ziggo, YouTube en spelletjes. Had Lester nog geleefd, dan hadden we een nieuwe moeten kopen om er Disney+ op te kunnen zetten.

Ook het Máxima doet er alles aan, gesteund door een leger stichtingen en vrijwilligers, om het de kinderen naar de zin te maken. Lester ging dan ook altijd goed gemutst naar het ziekenhuis. Wetend dat hij weer aan de paal moest. Maar misschien ook wel met de gedachte dat het dan ‘mamma-time’ in optima forma was. Want hoewel er nagenoeg dagelijks mensen langskwamen om Lester te vermaken, bracht hij de meeste tijd met mij door. Meestal lukte het mij om voor Lesters broertje te kolven tijdens zo’n bezoekje van de een of ander en ‘dingen regelen’ deed ik als Lester sliep of zittend naast hem terwijl we een film keken.

En zo stond ik voortdurend paraat om Lester zijn medicijnen te geven, zijn luier te verschonen, zijn eten en drinken (aan) te geven, hem te knuffelen, hem te troosten en hem te begeleiden bij vervelende behandelingen en pijnlijke injecties. Maar ook om samen een spelletje te doen, een boek te lezen, een puzzel te maken, te wandelen naar het grote-mensen-ziekenhuis (op momenten dat dat mocht), een treinbaan te bouwen of een rollenspel te doen met de knuffels.

Soms was hij boos, verdrietig of chagrijnig door de medicijnen, maar meestal was hij gezellig en amusant. Lester was namelijk een ontzettend leuke jongen. Hij was pas een kleuter maar zijn leeftijd ver vooruit, gewapend met een eindeloze fantasie. Ik kon echt genieten van zijn spel en vindingrijkheid. Vaak zaten we naast elkaar op zijn bed te kletsen of keken we een leuke film van Disney, Dreamworks of films als Dik Trom en Mees Kees. Of we hadden muziek aan staan van Bruno Mars, Michael Jackson, Katy Perry, Adèle en natuurlijk Kinderen voor Kinderen. Uiteraard was ik liever thuis, maar ik vond het absoluut geen straf om zo intensief met Lester samen te zijn.

En dat straalde kennelijk van ons af. In het oude PMC leefde iedereen veel dichter op elkaar en vonden veel ouders en medewerkers dat ik heel intens met Lester bezig was (hoorde ik achteraf). De psycholoog die ons vanaf het begin in het Máxima begeleidde merkte wel eens op dat ze bij ons nooit het gevoel had dat ze een ziekenhuiskamer binnenkwam, maar eerder dat ze bij ons op bezoek was in ons appartementje. Zoveel gezelligheid bracht Prins Lester.

Het is mooi geweest, zei het Máxima, nu mogen jullie weer naar huis.
We verschonen Lesters pleisters en geven jullie medicijnen mee voor thuis.
We pakten onze spullen in, koffers en tassen in een lange stoet.
Ongeduldig wachtend tot pappa kwam. ‘Dag zusters! Dag keukenprinses! Gegroet!’ 

Eenmaal los van de paal riep Lester blij:
‘Ja mamma, ik ben weer vrij!’

Onderweg naar huis was het altijd zo dat
we stopten bij de M van mamma voor een portie goudgele patat.
Thuis ging meteen Lesters muziek weer aan,
En gaven de broertjes elkaar een knuffel voor het slapen gaan.

0 reacties

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.